Kurk leggen op een bestaande vloer: zo doe je het stap voor stap

Kurk leggen op een bestaande vloer is goed mogelijk, zolang die ondervloer vlak, droog en schoon is. Je legt de kurktegels of -planken gewoon bovenop de bestaande vloer, zonder dat je de oude vloer hoeft te verwijderen. Dat scheelt veel werk en rommel. Hieronder lees je precies wat je nodig hebt, hoe je de voorbereiding aanpakt en hoe je de kurk stap voor stap legt.
Welke ondervloer is geschikt voor kurk leggen?
Niet elke bestaande vloer is zonder meer geschikt. De drie voorwaarden zijn altijd hetzelfde: de vloer moet vlak zijn, droog zijn en schoon zijn. Op een tegelvloer, een betonvloer of een laminaatvloer kun je kurk leggen als aan die drie eisen is voldaan. Een zachte of veerkrachtige ondervloer, zoals bestaand PVC of tapijt, is meestal geen goede basis. Die geeft te veel mee, waardoor de kurk ongelijk komt te liggen of de verbindingen op den duur losraken.
Controleer vlakheid met een rechte lat van minstens 1,5 meter. Hoogteverschillen van meer dan 3 millimeter per meter zijn te groot. Kleine oneffenheden vul je op met egaliseermassa. Vocht is de grootste valkuil: een vochtige betonvloer tast kurk aan van binnenuit. Meet bij twijfel het vochtgehalte met een vochtmeter. De aanbevolen maximumwaarde is voor de meeste kurkvloeren een relatieve vochtigheid van maximaal 75 procent in de ondervloer.
Kurk op bestaande vloer leggen: welk type kurk kies je?
Je kunt kiezen tussen twee manieren van verwerking: zwevend leggen of verlijmen. Kurk met een kliksysteem leg je zwevend, net als laminaat. Dit is de eenvoudigste methode voor doe-het-zelvers. Kurktegels worden vaak verlijmd, direct op de ondervloer. Verlijmen geeft een steviger resultaat, maar is bewerkelijker en minder makkelijk te corrigeren als je een fout maakt.
Voor een zwevende kurkvloer heb je ook een geschikte ondervloer (ondervilt of schuimlaag) nodig, tenzij de kurk al voorzien is van een ingebouwde toplaag. Lees de productspecificaties goed door: bij sommige kurkvloeren zit de ondervloer er al aan vast, bij andere niet.
Stap voor stap kurk leggen op de bestaande vloer
- Stap 1: Ruimte opmeten en materiaal berekenen. Meet de kamer op en tel daar 10 procent extra bij op voor snijverlies. Bij een kamer van 20 m² bestel je dus minimaal 22 m² kurk.
- Stap 2: Kurk laten acclimatiseren. Laat de kurk minstens 48 uur in de ruimte liggen waar je hem gaat leggen. Zo past het materiaal zich aan de temperatuur en luchtvochtigheid aan en voorkom je dat de vloer later opzet of krimpt.
- Stap 3: Ondervloer voorbereiden. Verwijder stof, vuil en losse delen. Vul oneffenheden op met egaliseermassa en laat dit volledig drogen. Verwijder plinten zodat je straks netjes langs de wand kunt werken.
- Stap 4: Ondervloer aanbrengen (bij zwevend leggen). Rol de ondervloer uit over de bestaande vloer. Zorg dat de banen netjes aansluiten maar niet overlappen. Tape de naden af met tape.
- Stap 5: Beginrij uitzetten. Begin bij de meest zichtbare wand of het midden van de kamer. Gebruik een meetlint en een potlood om een rechte startlijn te trekken. Dit is de basis voor de rest van de vloer.
- Stap 6: Kurk klikken of verlijmen. Bij een kliksysteem klik je de planken of tegels in elkaar in een visgraatpatroon of standaard rijen. Houd aan elke wand een uitzettingskier van circa 8 tot 10 millimeter vrij. Bij verlijmen breng je de lijm aan op de ondervloer, laat je die op de juiste openingstijd (meestal 10 tot 20 minuten) drogen, en drukt je de tegel er stevig op.
- Stap 7: Zagen en passen. Gebruik een (hand)cirkelzaag of een scherp afbreekmes voor de laatste rij en lastige hoeken. Meet tweemaal, zaag eenmaal.
- Stap 8: Afwerken. Breng de plinten terug aan. Zorg dat plinten de kier afdekken maar niet op de vloer drukken: de vloer moet vrij kunnen bewegen.
Veelgemaakte fouten bij kurk leggen op een bestaande vloer
De meest voorkomende fout is beginnen op een ondervloer die niet vlak genoeg is. Kurk volgt de ondergrond, dus elke hobbel of deuk zie je later terug. Neem de tijd voor de egalisatiestap, ook als de vloer er al redelijk glad uitziet.
Een andere valkuil is de acclimatisatietijd overslaan. Kurk is een natuurlijk materiaal dat beweegt met de omstandigheden. Leg je de planken te snel, dan kun je na een week al kieren of opgebolde randen zien. Twee dagen in de ruimte laten liggen is geen overbodige luxe.
Tot slot: gebruik nooit te veel lijm bij verlijmde kurktegels. Overtollige lijm die tussen de naden drukt, is lastig weg te werken en kan de bovenkant van de tegel vlekken.
Met een vlakke, droge en schone ondervloer is kurk leggen een klus die de meeste doe-het-zelvers zelf aankunnen. Plan een weekend vrij, bereid de ondergrond goed voor en laat de kurk acclimatiseren. Dan sta je binnen een paar dagen op een warme, demovende vloer die ook nog eens geluiddempend werkt.



